Wat eten inca’s? Een blik in de vroege Peruaanse keuken

Wat eten inca’s is een vraag die erg intrigeert. Ze hadden de mooiste terrassen om hun gewassen te verbouwen, maar welke gewassen waren dat? En aten ze ook lama? En cavia?

De inca’s aten heel gevarieerd. Ze verbouwden aardappels en maïssoorten op hun terrassen. Ook hadden ze veel tropisch fruit. Maar ze aten ook vlees van lama’s, alpaca’s en cavia’s. En toen hun rijk uitbreidde naar de kust gingen ze zelfs dolfijnen, pinguïns en zeeleeuwen eten. Ze hadden goede manieren om hun eten te conserveren, zoals het vriesdrogen. Hierdoor konden ze het voor lange tijd opslaan in hun voedselopslagplaatsen. Maar dat leidde er ook toe dat ze het eten lang moesten garen in stoofschotels, soep en pap.

Er is dus heel veel te vertellen over wat de inca’s eten en hoe ze het aten. Lees daarom heel het verhaal en misschien lees je de oorsprong van de popcorn.

Lijkt het eten van de inca’s op de huidige Peruaanse keuken

Het eerste wat we kunnen doen om te zien welk eten de inca’s aten is om te kijken naar de huidige Peruaanse keuken. De Peruaanse keuken is erg uitgebreid. Op deze pagina heb ik 25 geweldige Peruaanse gerechten beschreven, die ik je zeker aanraad om te eten mocht je naar Peru gaan.

Peruaans eten: aji de gallina

Bron: De comida peruana

De Peruaanse keuken is uitgebreid. Maar veel ingrediënten die de Peruanen nu in de keuken gebruiken, waren er ook al in de tijd van de inca’s. Hierbij kan je denken aan bijvoorbeeld het fruit zoals de lucuma en de cherimoya. Maar natuurlijk hadden ze ook al aardappel, die oorspronkelijk uit Peru komt. Verder aten ze ook vlees van de dieren die oorspronkelijk uit Peru leven.

Echter in de huidige Peruaanse keuken zijn natuurlijk ook een aantal nieuwe ingrediënten toegevoegd, die ze in de tijd van de inca’s nog niet hadden. Wanneer je weet welke ingrediënten dit zijn, kan je een betere veronderstelling maken wat de inca’s zo’n 500 jaar geleden aten.

Laat ik maar met het belangrijkste ingrediënt beginnen dat na de tijd van de inca’s is toegevoegd aan de Peruaanse keuken. Dit is rijst. Rijst is erg populair in de huidige Peruaanse keuken met gerechten zoals arroz con pollo, lomo saltado en arroz con leche.

Ook leefden er in de tijd van de inca’s een aantal dieren niet in Peru. Zo waren er geen varkens en geen koeien. Het eten van de inca’s was dus minder uitgebreid qua vlees. Maar qua groenten en fruit hadden de inca’s een ruime keuze.

De gewassen die de inca’s aten

Verbouwen van gewassen

Maar wat eten inca’s dan? Om daarachter te komen zijn de terrassen van de inca’s belangrijk. De terrassen, zoals die bij Tipón en Moray, waren erg belangrijk voor de voedselvoorziening. De inca’s leefden namelijk voornamelijk van de landbouw.

Knollen die de inca’s aten

De twee belangrijkste groepen van gewassen die de inca’s verbouwden waren knollen en granen. Onder de eerste groep vallen aardappelen. Peru is het land waar de oorsprong ligt van de aardappel. Naast de aardappel verbouwden de inca’s ook zoete aardappels. Ook verbouwden ze ulluco.

De ulluco is ook een knol en die eten ze in Peru nog steeds. Ik vind het zelf één van de vieste dingen die je in Peru kan eten. Wanneer het wordt klaargemaakt stinkt het ook. Maar het is wel één van de gewassen die de inca’s aten.

Granen van de inca’s

De andere groep gewassen zijn granen. De inca’s kenden geen tarwe. Maar ze kenden wel maïs. Ze verbouwden destijds maïs met erg grote korrels. Deze noemen de Peruanen nu choclo.

Choclo

Bron: TVPeru

Deze choclo komt eigenlijk alleen maar in Peru voor. Maar de inca’s hadden ook andere maïssoorten die ze verbouwden.

Verder is quinoa nu erg bekend als gezond eten. Het ligt nu in Nederland in alle supermarkten. Maar de inca’s verbouwden dit al eeuwen geleden. Quinoa was een belangrijke voedselbron van de inca’s. Daarnaast kenden ze nog andere graansoorten, zoals kañihua en kiwicha.

Groenten en fruit

Naast de knollen en granen verbouwden de inca’s nog andere gewassen op hun terrassen, zoals groenten. In Peru groeien nog steeds verschillende soorten pepers, zoals de aji amarilla, een gele peper. Door gebruik van deze pepers konden de inca’s smaak toevoegen het eten.

Ook hadden ze tomaten. De tomaten van de inca’s zagen er echter anders uit dan de huidige tomaat. Destijds waren ze klein. En ze smaakten iets anders. Maar voor de inca’s was het een belangrijke groente.

Datzelfde geldt voor de komkommers en pompoenen. Deze groenten vormden ook onderdeel uit van het eten van de inca’s.

Maar dat is nog niet alles. Peru is een ideaal land voor tropische vruchten. Zoals ik al eerder heb beschreven groeien er lucuma’s en cherimoyas. Maar de inca’s aten ook papaya. Verder konden ze advocado verbouwen. Daarnaast hadden ze nog vele andere onbekenden vruchten.

Andere gewassen die de inca’s aten

Zoals je kunt lezen konden de inca’s veel gewassen verbouwen. Maar dit was nog niet alles. Ze verbouwden namelijk ook peulvruchten en noten. Hierbij moet je denken aan bonen. Bonen komen in Peru en ook in de tijd van de inca’s in veel verschillende variaties voor.

Daarnaast verbouwden ze ook pinda’s en cashewnoten voor hun voedsel.

Dieren die de inca’s aten

Veeteelt door de inca’s

De variatie qua gewassen was voor de inca’s groot. Voor dieren ligt dat een klein beetje anders. Het houden van dieren is in het Andesgebergte anders. Dit komt door de hoogteverschillen.

De dieren die ze konden houden waren lama’s, alpaca’s en cavia’s. Daarvan is duidelijk dat de cavia’s alleen werd gehouden om te kunnen eten. Tegenwoordig wordt nog steeds cavia’s gegeten in Peru. Hoe je een cavia eet en hoe die smaakt heb ik hier beschreven. Dus ook in de tijd van de inca’s was cavia een belangrijke voedselbron.

Dit gold ook voor de alpaca. De alpaca werd echter niet alleen voor het vlees gehouden maar ook voor de wol. Alpaca vlees is mijn favoriet en ik raad je zeker aan om dit vlees te proeven wanneer je in Peru bent. Daarnaast is er de lama.

Lama in Peru

Meer over de lama kan je hier lezen. Dit dier werd minder voor de voedselconsumptie gehouden, maar meer als transportdier. Echter gebruikten de inca’s alles was nodig was. Dus aten ze ook lama. Tegenwoordig staat dat echter niet meer op het menu van de Peruanen. De smaak van lama vlees zal dus wel niet zo lekker zijn als dat van de alpaca.

Jacht en visserij door de inca’s

De jacht was in deze tijd alleen voorbehouden aan de adel. Zij mochten jagen. En ze joegen op dieren zoals de vicuña. Het jagen op dit soort zoogdieren vormde dan ook niet echt een onderdeel van de voedselvoorziening van de inca’s.

Het tegendeel geldt voor de visserij. In de rivieren van het incarijk zwommen veel forellen. Deze vis werd gevangen door de inca’s.

Echter toen het incarijk zich uitbreidde naar de oostkust van Zuid Amerika kregen ze meer mogelijkheden. Door met kleine bootjes op zee te vissen konden ze veel verschillende vissen vangen. Onder deze vissen vielen ansjovis, sardientjes, tonijn, zalm en zeebaars. Maar in de zee vongen ze ook roggen en kleine haaien.

Andere vangsten bij de zee

Toen het incarijk was uitgebreid naar de kust bleef het echter niet bij alleen vissen. Natuurlijk vingen ze ook schaaldieren, zoals mosselen. Maar eigenlijk aten de inca’s alles wat ze daar konden vangen. Bij Paracas kan je nog steeds zien wat voor enorm rijke dierenleven er aan de kust van Peru is.

Dolfijnen werden door de inca's gegeten

Dan kan je je bedenken dat de inca’s al die dieren ook aten. Als ze het konden vangen dan konden ze het ook eten. Dus soms stond er op het menu van de inca’s dan ook pinguïns, zeeleeuwen en dolfijnen.

Nog andere dieren

En als dat je al niet lekker in de oren klinkt, dan zal het volgende onderdeel van het dieet van de inca’s je waarschijnlijk ook niet lekker in de oren klinken.

De inca’s aten namelijk ook kikkers. Ze wisten exact welke kikkers ze konden eten, want in Peru komen ook giftige kikkers voor. Daarnaast aten ze rupsen, kevers en mieren.

Hoe de inca’s hun eten konden bewaren

De opslagplaatsen

Zoals je kan lezen was het dieet van de inca’s gevarieerd. Maar het is wel allemaal vers eten. De inca’s moesten hun eten kunnen bewaren. Dit was belangrijk voor de tijd dat ze geen gewassen konden oogsten. Zo hadden ze dan wel te eten.

De inca’s hadden een paar methoden om hun eten langer te bewaren. Deze methoden gebruikten ze voordat ze het voedsel in hun voedselopslagplaatsen bewaarden. Deze voedselopslagplaatsen werden door de inca’s quollqa genoemd. En ze hadden veel voedsel in deze opslag. Ze konden hier wel meer dan drie jaar mee vooruit. En dat is natuurlijk een van de vereisten die er nodig waren om het incarijk zo groot te maken. Mensen met een volle buik komen namelijk minder snel in opstand.

Voedselbewaarmethoden

Maar nu terug naar hoe de inca’s er voor zorgden dat ze hun eten langer konden bewaren. De inca’s woonden voor het conserveren van hun voedsel op een ideale plaats om te vriesdrogen.

In dit proces werden de gewassen op stenen in de bergen gelegd. In de nacht bevroren deze gewassen. En overdag droogde de zon de gewassen uit. Wanneer je in Peru bent in de bergen dan zul je merken dat het ’s avonds en ’s nachts koud is maar overdag warm. Dit proces van bevriezen en uitdrogen lieten ze een aantal dagen achter elkaar gebeuren.

Daarna konden ze de gewassen voor lange tijd bewaren. Ook het vlees werd gedroogd door de zon. Ze waren dus de eerste die de zogenaamde ‘beef jerky’ maakten. Alhoewel het was natuurlijk niet van koe, maar van lama en alpaca.

Ook vis werd gedroogd. Hierdoor konden de inca’s het door het gehele incarijk verspreiden.

En als laatste hadden ze nog een methode om maïs langer te kunnen bewaren. Je zou het niet denken als je in de bioscoop zit met een bakje popcorn, maar de inca’s waren de eersten die popcorn maakten. Ze lieten de maïs ‘poppen’, waardoor ze het langer konden bewaren.

De inca's aten popcorn

Eten bereiden door de inca’s

Het eten werd door de inca’s op een manier bereid die nu nog lijkt op het pachamanca. Ze maakten ovens van stenen en aarde. Ze noemden de oven een huatia.

Huatia oven voor wat eten inca's

Bron: Cusco eats

In tegenstelling tot pachamanca was de huatia bovengronds. Zoals je hierboven hebt gelezen werd het eten vaak geconserveerd. Hierdoor waren de ingrediënten vaak droog.

De gerechten die de inca’s maakten lijken dan ook niet op de huidige Peruaanse keuken. Nu maken de Peruanen namelijk gebruik van verse ingrediënten. In de tijd van de inca’s waren dat vaak gevriesdroogde ingrediënten.

Daarom maakten ze vaak gerechten die een vrij lange voorbereiding hadden. Het gedroogde eten moest namelijk weer vocht opnemen, om het voedsel weer goed verteerbaar te maken. Vaak aten de inca’s dan ook soep, pap of een stoofschotel. Met de ingrediënten die ze hadden lijkt me dat niet eens zo verkeerd.

Daarnaast maakten ze ook een soort brood. Dit deden ze niet van tarwe, maar van de maïskorrels die ze hadden. Deze korrels, en dan vooral die van de quinoa, werden verpulverd.

Uiteindelijk hadden ze een enorm gevarieerd dieet en ik denk dat dat ook een van de redenen was dat de inca’s zo succesvol waren.